Chip op kentekenplaat is dure schijnoplossing
VVD-Kamerlid Aptroot wil benzinediefstal te lijf te gaan door kentekenplaten te voorzien van een op afstand uitleesbare chip. Dat klinkt sympathiek, maar is niet meer dan symboolpolitiek. Het aanbrengen van een chip lost het probleem niet op korte termijn op, omdat benzinedieven vooral met oude of buitenlandse platen zullen rondrijden. Daarnaast kost de gechipte kentekenplaat de samenleving veel meer geld dan dat benzinediefstal schade met zich meebrengt, betogen Tom Kronenburg en Ton Monasso.
Deze blog is ook geplaatst op de website van Het Expertise Centrum.
In de huidige praktijk kunnen pomphouders foto’s van de kentekens van auto’s waarbij is getankt zonder te betalen overdragen aan deurwaarders. Die leggen via het kentekenregister de verbinding naar de adresgegevens van de eigenaar van de auto, die vervolgens de rekening gepresenteerd krijgt. Niet altijd lukt het echter om de (juiste) persoon te vinden, vooral omdat criminelen met gestolen of nagemaakte kentekenplaten rondrijden.
Aptroot stelt voor om in de kentekenplaat een chip op te nemen die extra echtheidskenmerken bevat, en die nauwelijks of alleen tegen hele grote kosten is na te maken. Het ‘chippen’ van auto’s zal echter nauwelijks een bijdrage leveren aan het terugdringen van benzinediefstal, terwijl het een flinke kostenpost met zich meebrengt.
Het is niet effectief, omdat het pas kan werken als vrijwel alle in Nederland rondrijdende auto’s zijn voorzien van een dergelijke chip. Dat lukt alleen als alle kentekenplaten worden vervangen – een kostbare maar vooral langdurige operatie. Tot die tijd zullen dieven hun toevlucht nemen tot ‘oude’ kentekens of de zwakst beschermde kentekenplaten waarmee legaal gereden kan worden. Een aantal jaren geleden is de uitgifte en inname van kentekenplaten veel strakker gereguleerd, maar ook daarmee is slechts een deel van de voertuigpopulatie bereikt. Zelfs als alle Nederlandse platen vervangen zouden zijn, is het nog mogelijk om met buitenlandse kentekens rond te rijden.
Een tweede reden om niet met Aptroot mee te gaan zijn de kosten. Er zijn circa zeven miljoen Nederlandse voertuigen. De kosten van een gechipte plaat zouden circa 7 euro hoger liggen dan die van een traditionele uitvoering. Bij een omloopsnelheid van eens in de zeven jaar zou jaarlijks al 7 miljoen euro extra worden uitgegeven. Dat terwijl de schade door benzinediefstal slechts 1,8 miljoen euro per jaar bedraagt (tankpro.nl), wat overeenkomt met circa 500 euro per pompstation per jaar. De kosten zijn dus disproportioneel, en worden ook nog eens opgebracht door merendeels goedwillende burgers.
Pomphouders zouden hun eigen belang moeten beschermen en daar zelf de kosten voor moeten dragen. Dat kan ook prima – laat mensen van tevoren pinnen voordat de pomp wordt vrijgegeven. Als daardoor de omzet uit de tankshop daalt, lijkt ons dat een mooie vorm van ondernemersrisico, die niet moet worden afgewenteld op integere autobezitters.
Tom Kronenburg en Ton Monasso zijn adviseurs in gegevenskwaliteit bij onderzoeksbureau Zenc.
Print This Post

Leave a Reply
Your message will be published on this website, after approval of the webmaster. If you prefer a personal reply that will not be published, please use the contact form.